Een boodschap van hoop

 

IllustratieDit artikel verscheen in september 2023 op nummer 32 van Website Permacultuur Magazine.

Je kunt dit artikel ook als Pdf pdf downloaden.


Leestijd: ongeveer zes minuten

Door Marc en Caroline Siepman

Foto's: Marc Siepman

Het gevoel bij te dragen aan een mooiere wereld geeft hoop; actieve hoop, zoals Joanna Macy het noemt. Dat is ook het aantrekkelijke aan permacultuur: de handen uit de mouwen en een verschil maken. Het maakt niet uit of het iets groots en meeslepends is of iets kleins. Miljoenen mensen die iets kleins doen, maken samen ook een verschil. En de impact wordt nog groter als we elkaar hierin bekrachtigen.

Mogelijkheidszin

Er zijn in de wereld te veel problemen om op te noemen, laat staan hier te behandelen. Toch zijn de oplossingen tamelijk eenvoudig. Zo eenvoudig, dat ze al snel worden afgedaan als simplistisch. Hier ligt een eerste, cruciale, stap: ten diepste weten dat het ook anders kan. 

Er is een heel scala aan toekomstscenario's denkbaar. Er zijn doemscenario's, waarbij alles en iedereen ten onder gaat. Evengoed kunnen we ons scenario's voorstellen die schoonheid, verbinding en gezondheid bieden. We kunnen kiezen of we meegaan in bestaande, vernietigende structuren. We kunnen ons tegen deze structuren verzetten, laten horen waar we het niet mee eens zijn. We kunnen ook werken aan wat we wél willen. 

We hebben geen controle over hoe de toekomst zich ontvouwt, maar we hebben er wel invloed op. Het begint allemaal met een droom. Hoe zouden we willen dat de wereld eruitziet? En wat zou er gebeuren als we in die droom gaan geloven en vandaag nog stappen ondernemen om die uit te laten komen? Als we een duwtje geven in de richting die we wenselijk vinden? Er is nooit maar één manier, één weg, één mogelijkheid, één scenario. Er zijn altijd talloze alternatieven. 

Volgens filosoof Robert Musil (1880 – 1942), grondlegger van het essayisme, bestaat er niet alleen een werkelijkheidszin, maar ook een mogelijkheidszin. Dit is het vermogen om "alles te bedenken wat er net zo goed zou kunnen zijn, en om niet meer belang te hechten aan wat er wel is dan aan wat er niet is". 

Mensen met werkelijkheidszin leven in de bestaande wereld en proberen zich daar zo goed en kwaad als het gaat mee te verhouden. Van de zogenoemde idealisten, mensen met mogelijkheidszin, wordt gezegd dat ze niet realistisch zijn en de werkelijkheid zelfs uit de weg gaan. Deze mensen gebruiken de huidige werkelijkheid echter als opstapje voor het creëren van een andere wereld. Zij stellen zich deze mogelijke wereld voor en werken tegelijkertijd aan de realisatie ervan. 

Gemeenschapszin

Vrijwel alle problemen die we in de wereld zien, zijn eigenlijk symptomen van andere, meestal grotere problemen. Pas als we de oorzaken van deze problemen aanpakken, komt er echte verandering.

Depressie, eenzaamheid, verslaving, burn out, onverwerkte (intergenerationele) trauma's, gebrek aan zingeving, armoede, honger, dakloosheid, ongelijkheid, autoritaire overheden, verloedering, geweld, diefstal, biodiversiteitsverlies, dierenleed, gezondheidsklachten … het lijken ongerelateerde problemen, die nooit één gezamenlijke oplossing kunnen hebben. Toch kunnen ze allemaal in en door gemeenschappen worden opgelost. Niet door te bestrijden wat we niet meer willen, maar door de omstandigheden te creëren waarin alles en iedereen kan floreren. 

In een wereld waarin het merendeel van de mensen moet lijden, zodat anderen kunnen feesten alsof er geen morgen is, lijdt iedereen. Ook de mensen die feesten, want ze leiden een zielloos bestaan. Niet-jezelf-zijn veroorzaakt kleine tot grote trauma's. Als deze niet geheeld worden door liefdevolle gemeenschappen, kunnen deze leiden tot kleine en grote gedragsstoornissen, zoals fobieën, agressie, onverschilligheid, narcisme en psychopathie. In gemeenschappen waarin iedereen zich onderling afhankelijk voelt, kan iedereen hoopvol, gelukkig, gezond en vrij zijn en overvloed ervaren. 

We zijn vergeten dat alle organismen altijd in gemeenschappen hebben geleefd. Alleen door samenwerking zijn ze in staat om alle uitdagingen het hoofd te bieden. Dat geldt onverminderd voor mensen. Maar in plaats van gemeenschappen te vormen, zakten we steeds verder weg in de illusie van afgescheidenheid. We werden ons steeds minder bewust van onze innige verbondenheid met alles om ons heen. Volgens Thích Nhất Hạnh (1926 – 2022) is het doel van ons leven op Aarde deze illusie te overstijgen. Ook zei hij dat de volgende boeddha geen mens zal zijn, maar een Sangha: een gemeenschap van mensen, die oefent door te doen. Alles wijst erop dat hij daarin gelijk had. 

Prettige apocalyps gewenst

Er zijn altijd visionairs geweest. Mensen die de wereld op een andere manier zagen. Sommige worden als helden binnengehaald, maar meestal worden zij verketterd. Zij zien eerder hoe de dingen zijn én hoe ze zouden kunnen zijn. Zij zagen en zien dat controle leidt tot het verdwijnen van relaties, wat weer leidt tot instorting van (eco)systemen. 

Wat er allemaal gebeurt, lijkt apocalyptisch en dat is het ook: 'apocalyps' betekent 'openbaring'. Wat de visionairs al veel eerder zagen, begint nu voor iedereen zichtbaar te worden. Dat maakt de weg vrij voor een tijdperk van vertrouwen, waarin relaties en gemeenschappen geheeld worden.

Volwassenwording van de mensheid

De duistere zijde van onze 'samenleving' kent zijn oorsprong in de illusie van afgescheidenheid, maar er is nog een verwante reden aan te wijzen: we zijn nooit volwassen geworden. Kinderen nemen alleen maar, en dat is prima. Op een gegeven moment moet een kind echter ook leren om te geven. 

Inheemse culturen hebben rituelen ontwikkeld waarmee kinderen in een klap volwassen worden: de initiatie. Dat zijn tamelijk traumatische gebeurtenissen, maar doordat de kinderen in gemeenschap leven, verwerken ze deze trauma's zonder verdere problemen. In onze industriële cultuur moeten wij het zonder initiatie stellen, vandaar dat lang niet iedereen volwassen wordt. Je ziet het terug in het kapitalisme: we nemen, nemen en nemen, maar geven niets terug aan de Aarde of aan gemeenschappen. 

De apocalyptische gebeurtenissen zijn voor veel mensen traumatisch. Het hoopvolle van alle ellende is dat we massaal een initiatie door kunnen maken, en ons daarmee vrijwel van de ene op de andere dag weer met elkaar kunnen verbinden. 

Overvloed 

Iedereen heeft weleens iets onvoorwaardelijk voor een ander gedaan. En dat voelt goed. Dankbaarheid geeft energie, maar ook stiekem iets voor een ander doen, geeft voldoening. Stel je een web van dergelijke relaties voor waarin er een constante uitwisseling is. Dat is de essentie van een gemeenschap: alles stroomt onvoorwaardelijk. Spullen, kennis, liefde, ideeën, dromen … iedereen geeft en ontvangt. Daardoor ontstaat er overvloed: de zekerheid dat alles wat je nodig hebt, er is op het moment dat je het nodig hebt. 

Zulke gemeenschappen hebben een helend effect, zowel voor de Aarde als voor de mens. 

Omdat mensen zich weer verbonden voelen, is er minder depressie en zoeken minder mensen hun heil in consumptiegedrag. Bovendien zijn er sowieso veel minder spullen nodig als ze van hand tot hand gaan. Ook is er minder verspilling van grondstoffen en energie.

Lokale gemeenschappen hebben daarnaast nóg een ecologisch voordeel: als je direct afhankelijk bent van je omgeving voor je voedsel, drinken en alle andere levensbehoeften, zul je het niet in je hoofd halen om die uit te putten, te vervuilen of uit te buiten. 

We zijn onze verhalen

We hebben geleefd in een samenleving die die naam niet waardig was; 'afgescheidenleving' zou een betere benaming zijn geweest. Deze kwam voort uit verhalen waarin we allemaal individuen zijn die losstaan van 'de natuur'. Het is nu tijd om echt samen te gaan leven. Deze nieuwe samenleving komt voort uit verhalen van verbinding. Op dit moment zitten we nog in de leegte tussen die twee verhalen in. Niemand weet hoe de nieuwe wereld eruit gaat zien, maar we hebben er allemaal invloed op. Elke actie, elke gedachte die de wereld wat mooier maakt, draagt bij aan het nieuwe verhaal, aan de nieuwe wereld. 

Een samenleving ontstaat door interactie met anderen, veelal via taal. Door elkaar hoopvolle verhalen te vertellen, verbinden we ons aan elkaar en aan deze verhalen. Juist in deze interactie ontstaat de samenleving. Op dit moment rouleren er veel verhalen die angst oproepen, verhalen over wat er allemaal (nog erger) mis kan gaan. Als we deze verhalen geloven en we ze blijven vertellen, dragen we automatisch bij aan de verwerkelijking ervan. Als het dan inderdaad misgaat, zullen we zeggen: zie je wel, ik heb het toch gezegd! 

De nieuwe verhalen gaan over overvloed, vertrouwen en samenleven en dragen daar ook aan bij. Niet alleen de thema's van de verhalen veranderen, maar ook ons woordgebruik. We hebben andere woorden nodig die nieuwe toekomstbeelden schetsen. We hebben de tijd nodig om opnieuw te leren luisteren naar elkaars verhalen. Het gaat er niet om het beste verhaal te kiezen. Alle verhalen verstrengelen zich, ze versterken elkaar.

De revolutie is al gaande

De exponentiële curve, die je ziet bij verwoestijning, biodiversiteitsverlies, uitputting van grondstoffen, vervuiling en dergelijke, is natuurlijk problematisch. We horen en lezen daarom vaak dat het tijd wordt voor een revolutie. Het is goed om te beseffen dat de revolutie allang gaande is. De onderstroom wordt steeds sterker en het huidige verhaal brokkelt steeds verder af. Tegelijkertijd neemt het bewustzijn en daarmee de weerstand toe. Iedereen geeft daar een andere uiting aan. Steeds meer mensen kiezen ervoor anders te leven, anders met elkaar om te gaan. Simpelweg omdat ze geloven dat het anders kan en dat ook bij anderen zien. En ook dat gaat exponentieel. In het begin denk je dat er niets gebeurt, maar voordat je er erg in hebt, is de droom werkelijkheid geworden.

Daar waar wanhoop in het duister op de loer ligt, danst hoop op blote voeten in de zon. 

Illustratie: Inge Leonora-den Ouden
Lees verder