Humus of geen humus, dat is de vraag

Dit artikel is op 21 juni 2016 in nummer 3 van Permacultuur Magazine gepubliceerd. Je kunt dit artikel ook als pdf downloaden.

cover3-214x300  Auteur: Marc Siepman

In 2011 startte ik het eenmansinitiatief Gevoel voor humus en sinds 2013 geef ik de cursus humisme. Een half jaar voor het eerste lustrum ontving ik het ontluisterende nieuws dat humus niet bestaat. Althans, dat is de conclusie van Johannes Lehmann en Markus Kleber in het artikel The contentious nature of soil organic matter (‘De omstreden aard van organisch materiaal in de bodem’) dat in december 2015 in het gerenommeerde tijdschrift Nature verscheen. Genoeg om een humist aan het twijfelen te brengen.

Humus is geweldig!

In de cursus humisme behandelde ik humus eigenlijk altijd heel kort, omdat er heel veel onduidelijkheden zijn over wat humus nou eigenlijk is. Ik beschreef humus als organisch materiaal dat verdere ontbinding kon weerstaan, waardoor humus duizenden jaren stabiel kon blijven in de bodem. Humus kon meerdere keren zijn eigen gewicht aan water vasthouden, anionen aan zich binden en bestond voor vijftig procent uit koolstof. De moleculen waar humus uit bestond, waren complex. De humuszuren bevatten chelators, waardoor voedingsstoffen beter opneembaar werden. Daar leek niet veel discussie over te zijn. Humus was geweldig.

Maar bestaat humus wel?

En toen kwam het in de inleiding genoemde artikel in mijn mailbox. Heel even zakte de moed mij in de schoenen, maar toen ik het artikel beter begon te begrijpen kwam ik erachter dat het heel veel van mijn bedenkingen bevestigde. Eigenlijk was ik heel snel om: humus bestaat inderdaad niet! Maar al die geweldige eigenschappen dan? Deels kunnen die aan andere stoffen en organismen in de bodem worden toegeschreven. Organisch materiaal kan water en voedingsstoffen vasthouden, schimmels produceren chelators, glomaline bevat 30 tot 40 procent koolstof en blijft heel lang stabiel.
De complexe moleculen waar humus uit zou bestaan, bleken echter bij de extractie spontaan in het laboratorium te ontstaan. Dit bleek ook nog eens te gebeuren zonder dat daar bodemleven voor nodig is, schrijven de onderzoekers. Al tweehonderd jaar wordt een extractietechniek met extreem basische oplossingen toegepast en worden er eigenschappen aan de geëxtraheerde stoffen toegekend, maar met moderne spectroscopie zijn de vermeende humuszuren niet aangetroffen in de bodem. Dat wil niet zeggen dat ze niet bestaan, maar ze ontstaan in het lab en niet in de bodem!

En hoe nu verder?

Voor mijn cursus is er weinig veranderd. Wat ik behandel komt goed overeen met het nieuwe model dat door de auteurs van het artikel wordt voorgesteld: het bodemcontinuümmodel (afgekort met SCM, van het Engelse Soil Continuum Model). Dit nieuwe model is evidence based: alleen wat we daadwerkelijk kunnen waarnemen wordt meegenomen. Voor bijvoorbeeld klimaatmodellen kan het nieuwe model grote invloed hebben, dus het is wel van belang dat er aandacht aan geschonken wordt. De komende maanden ga ik mij verder verdiepen in het nieuwe model.

Geen gevoel voor humus meer?

De auteurs stellen voor om de term humus niet meer te gebruiken om verdere verwarring te voorkomen. Er is al zoveel verwarring over bodemgerelateerde termen dat ik graag gehoor geef aan deze oproep. Ik denk dat ik ‘humisme’ er nog een tijdje in houd als eerbetoon aan de mooie term ‘humus’. Maar Gevoel voor humus gaat verdwijnen. Ik denk wel dat het nog jaren gaat duren voordat humus uit de volksmond verdwenen is. Sterker nog, ik denk dat dat nooit gaat gebeuren. Maar dat geeft niet. Wordt vervolgd!

Het vervolg verscheen in Permacultuur Magazine 7 en is hier te lezen.