Het onderwijs en de toekomst

Cover Onkruid OnkruidDeze column verscheen in juni 2021 in nummer 263 van Link_werkt Onkruid.

Fb Facebook

Leestijd: ongeveer twee minuten

Ons onderwijssysteem is oorspronkelijk opgezet om arbeiders te creëren: kinderen moesten urenlang stilzitten en luisteren naar de gezaghebbende. Zo kreeg je gezapige werknemers. Op school ontwikkelde je door middel van beloning en bestraffing een arbeidsethos; je moest inzet tonen, ook als je er eigenlijk geen zin in had. Dit had je later nodig om elke ochtend met frisse tegenzin naar het werk te gaan. De beloning: als je hard werkt, kom je aan de top, kun je mooie spullen kopen, ver weg op vakantie, noem maar op. De bestraffing: als je niet werkt, heb je geen huis en geen eten en drinken. Het onderwijssysteem is in die zin niet met zijn tijd meegegaan. Nog steeds streeft het naar homogenisering en het creëren van brave burgers die onze economie draaiende houden.  

Het onderwijssysteem zelf is onpersoonlijk, blind voor de unieke kwaliteiten van elk kind. Een betrokken docent heeft oog voor deze kwaliteiten en de noden van het kind. Als kwaliteiten niet gezien worden, is dat op zichzelf al een ramp voor een kind. Het krijgt feitelijk de boodschap dat die kwaliteiten er helemaal niet toe doen. Tegelijkertijd gaat alle aandacht naar de dingen waar het kind moeite mee heeft. Kun je niet goed rekenen? Dan moet je méér rekenen. Maak je veel fouten omdat je niet goed kunt stampen? Dan krijg je een onvoldoende. Dit is funest voor het zelfvertrouwen. Een kind kan zich op deze manier dom gaan voelen.

Ouders bestraffen hun kinderen niet als ze vallen tijdens het leren lopen. Ze bestraffen ze niet als ze hun eerste woordje niet goed uitspreken. We weten dat je het meeste leert door je onder te dompelen in spel en daarin fouten te maken. Toch laten wij, diezelfde ouders, onze kinderen op school wel gestraft worden voor het maken van fouten. Dat wringt.

We weten dat kinderen van nature graag leren. We hoeven dus alleen maar de juiste voorwaarden te scheppen, zodat ze vanuit hun intrinsieke motivatie hun eigen leerweg kiezen. Dan krijgen we unieke volwassenen en die gaan we hard nodig hebben in de toekomst. 

Het is dan ook geen wonder dat er alternatieven komen, zoals het democratisch onderwijs en Agora-scholen. Deze zijn helaas nog niet voor ieder kind bereikbaar, omdat ze nog niet overal te vinden zijn en soms hoge ouderlijke bijdragen vragen. 

Het onderwijs moet echt anders, en daar kunnen we als ouder aan bijdragen. We kunnen kinderen hun unieke zelf laten zijn, ze stimuleren hun talenten verder te ontwikkelen. We kunnen ze vrij laten om, op het moment dat ze dat nodig hebben, met kinderen en volwassenen van verschillende leeftijden te spelen en samen te leren. 

Het onderwijssysteem is ontworpen ten bate van de economie, niet van mensen. Kinderen moeten hun eigen leerplan trekken en zelf het nieuwe leren vorm gaan geven. Ook zonder dwang leren wij ons hele leven lang. 

Dat levert een mooi nieuw arbeidsethos op: zonder dwang doe je wat er moet gebeuren, ook als je het nog niet kunt.